Naar aanleiding van (media)vragen – update over berichtgeving inzake wraking rechtbank Rotterdam

Op 8 december berichtte het Financieele Dagblad dat het Openbaar Ministerie (OM) één of meerdere rechters van de rechtbank Rotterdam heeft gewraakt. De rechtbank Rotterdam heeft inmiddels bevestigd dat het wrakingsverzoek op 12 januari 2026 om 14:00 uur zal worden behandeld. De zitting is in beginsel openbaar. Deze ontwikkeling zorgt opnieuw voor een periode van onzekerheid—temeer omdat dit zich afspeelt rond de feestdagen.

Huidige stand van zaken De thans aanhangige wrakingsprocedure betreft een geschil tussen het OM en de rechters die zijn gewraakt. Deze wraking van de rechtbank is -nadrukkelijk- niet door de verdediging verzocht. Alle verdachten staan als procesdeelnemers buiten dit geschil, ook al worden zij in de media met naam en toenaam – en soms met foto – aan dit incident verbonden.

Naar aanleiding van het bericht in het FD is de rechtbank Rotterdam verzocht om toezending van de relevante processtukken, waaronder het wrakingsverzoek. De rechtbank heeft meegedeeld dat de verdachten en hun advocaten weliswaar aanwezig mogen zijn bij de zitting van 14 januari 2026, maar geen afschrift van het wrakingsverzoek zullen ontvangen en evenmin het woord kunnen voeren.

Een wraking van een meervoudige kamer door het Openbaar Ministerie is (zeer) uitzonderlijk, temeer wanneer deze zou zien op inhoudelijke uitlatingen van een rechter tijdens een zitting. Normaliter volgt kort na indiening van een wrakingsverzoek een behandeling door de wrakingskamer. Waarom dit in het onderhavige geval circa 6-8 weken in beslag neemt (de tijd tot een zitting c.q. uitspraak), is mij niet bekend.

Doordat de inhoudelijke wrakingsgronden niet worden gedeeld, is voor mij eveneens onduidelijk waarop het verzoek precies is gebaseerd, tegen welke rechter(s) het zich precies richt en in welke procedure - al lijkt het zich te beperken tot een klaagschriftprocedure (zie onder). Evenmin is mij bekend of het wrakingsverzoek daadwerkelijk betrekking heeft op specifieke – geïsoleerde en mogelijk uit hun context gelichte – uitlatingen van rechtbankvoorzitter Jacco Janssen, zoals die in de media zijn weergegeven. Of en in hoeverre de wraking kans van slagen heeft en welke gevolgen een eventuele toewijzing zou hebben voor het verdere verloop van de sub- of hoofdprocedure, bijvoorbeeld in de vorm van vertraging, kan ik op dit moment niet inschatten.

Achtergrond bij de wraking Het OM heeft de wraking ingediend naar aanleiding van een zitting op 3 december jl. Deze zitting betrof een klaagschriftprocedure over een mogelijke schending van het verschoningsrecht van advocaten die werkzaamheden hebben verricht voor mij, mede-verdachten en aan mij verbonden rechtspersonen. Tijdens deze zitting heeft de rechtbank Rotterdam voor de vierde keer achtereen het OM en de FIOD opgedragen nadere duidelijkheid te verschaffen over deze gang van zaken—dit naar aanleiding van verzoeken van de verdediging.

Correspondentie met advocaten – evenals met andere geheimhouders zoals notarissen – is strikt vertrouwelijk en wettelijk beschermd. Uit in opdracht van de rechtbank verricht onderzoek en eigen waarneming is gebleken dat alle correspondentie met deze geheimhouders in (voornamelijk) de periode 2020–2022 is aangetroffen op servers van de FIOD. Daar waren datakopieën aanwezig van in beslag genomen computers. De e-mails en documenten op deze computers zijn niet onder regie van een rechter-commissaris gefilterd op correspondentie met geheimhouders en hebben daardoor jarenlang ten onrechte ter beschikking gestaan van het onderzoeksteam van de FIOD. Ook op andere gegevensdragers in het onderzoek is inmiddels verschoningsgerechtigde informatie aangetroffen. Omdat de rechtbank zich vooralsnog richt op mijn twee computers, wordt naar dit laatste ondanks verzoeken (voorlopig) geen onderzoek gedaan. Dat deze gegevens bij de FIOD aanwezig waren staat inmiddels vast. Lastiger blijkt te reconstrueren wie deze gegevens wanneer en op welke wijze (mogelijk) heeft ingezien. Dit is het gevolg van gemaakte fouten in het onderzoek, (bewust) beperkte vastlegging daarvan – waaronder bewust uitgeschakelde logging in de software– en het beroep op een gebrekkig geheugen door betrokken rechercheurs. Ondanks deze eigen tekortkomingen vindt het OM dat de verdediging maar moet aantonen dat de bewuste gegevens ook daadwerkelijk zijn gebruikt - wat leidt tot (herhaalde) verzoeken om nadere informatie zodat hierover meer duidelijkheid kan ontstaan.

Opstelling van het OM Het wrakingsverzoek van het OM past in een langere reeks van procedurele ontwikkelingen in de uitputtende juridische aanpak die gehanteerd wordt. Dit wrakingsverzoek lijkt te zijn ingediend nádat de rechtbank haar oordeel had gegeven op de onderzoekswens dat —op verzoek van de verdediging en ter verduidelijking van het dossier— de FIOD (opnieuw) duidelijker moet toelichten hoe zij is omgegaan met twee computers waarop duizenden verschoningsgerechtigde stukken stonden. Na eerdere verzoeken naar de aard en omvang van de mogelijke schending van het verschoningsrecht – waarbij alle veertien betrokken rechercheurs zich inmiddels beroepen op afwezige herinneringen – heeft de rechtbank het OM nu verzocht delen van interne onderzoeksjournaals van de FIOD te overleggen. Daarbij heeft de rechtbank uitdrukkelijk de mogelijkheid opengehouden om onderzoeksleiders van de FIOD nader te horen. Na bekendmaking van dit besluit werd op 3 december jl. ter zitting duidelijk dat het OM, vertegenwoordigd door officier van justitie Schaafsma, zich hier niet in kon vinden. Dit is door deze OvJ ook direct op de zitting vocaal kenbaar gemaakt zónder daarbij de rechtbank ter plekke te wraken (wel heeft zij nadien de audio van de zitting opgevraagd - hetgeen is geweigerd). Dat het OM de rechtbank wraakt ná een onwelgevallige beslissing, en niet daarvoor —als zij zich zou hebben gestoord aan een opmerking ter zitting- geeft te denken.

Wraking is een uitzonderlijk rechtsmiddel dat met grote terughoudendheid en zorgvuldigheid moet worden ingezet—zeker door het OM. Gezien het brede palet aan uitzonderlijke rechtsmiddelen dat het OM in deze gevoelige zaak al heeft aangewend en de voortdurende pogingen om geen direct antwoord te geven op vragen, verbaast het mij niet (meer) dat inmiddels ook het middel ‘wraking’ wordt ingezet. Dat neemt niet weg dat een definitief oordeel over de handelwijze van het OM pas kan worden gevormd nadat kennis is genomen van het volledige wrakingsverzoek inclusief de onderliggende motivering—en het verweer van de rechtbank daarop. Omdat deze stukken niet worden gedeeld, kan ik hier zelf geen goed oordeel over geven—dat is (uiteraard) aan de wrakingskamer. Om die reden beperk ik mij dan ook tot deze reactie.

Tot slot Voor de betrokken rechters moet het zonder meer vervelend zijn dat hun onafhankelijkheid, onpartijdigheid en professionaliteit op deze wijze publiekelijk ter discussie wordt gesteld in een zaak waarin – naar mijn overtuiging – niet de rechtbank, maar het OM tekortschiet.

Zodra er nadere informatie beschikbaar is of aanleiding bestaat tot een verdere toelichting, zal ik dat via deze pagina kenbaar maken.

Sywert van Lienden (15 december 2025)

OM wraakt rechters in mondkapjeszaak Sywert van Lienden

OM wraakt rechters in mondkapjeszaak tegen Sywert van Lienden

Zeldzaamheid: officier van justitie wraakt rechters in mondkapjeszaak - Mr. Online

Wrakingsverzoek OM zet mondkapjesproces Sywert op scherp - Advocatie